donderdag 24 juni 2010

Op droeve toon (44)

- Dag Duifje.
- Dag Bennemans. Denk je niet dat de mensen zullen denken: die jongen zegt wel dat hij een atheïst is, maar zie zijn stukjes muziek eens, elke dag!
- Tja, de mensen mogen natuurlijk denken wat ze willen. Ex-minister Plasterk, een atheïst, zit in het Bachkoor van ik meen Naarden. Daar zingt hij elk jaar de Mattheus Passion. Het is heel normaal dat er in dat koor vooral veel atheïsten zitten, anders kwam er niets van terecht, van dat zingen, bedoel ik. Er zijn nu eenmaal nog maar heel, heel weinig christenen over in dit land. En die er nog over zijn, kunnen niet goed zingen.
- Je moet het niet in het grappige trekken, Bennemans.
- Oké, Duifje. Ik zal je uitleggen hoe het zit. Ik geloof helemaal niet dat christenen niet kunnen zingen. Sterker, er zullen wel mensen zijn die het hartgrondig met Calvijn, Luther of Jezus eens zijn, en die toch aardig kunnen zingen. Het zullen er niet veel zijn. Maar ze zijn er ongetwijfeld, vooral in de wat zuidelijker landen — Italië, Spanje —, in Duitsland misschien ook, in Engeland misschien. De leden van The Tallis Scholars lijken me geen gelovigen. Daar zingen ze te goed voor, daar zijn ze te serieus voor.
- Zou het je tegenvallen als bleek dat die leden allemaal Anglicaans zijn?
- Nee. Ieder mag doen en denken wat hij wil. De mooiste muziek die er ooit gemaakt is, is gemaakt zo’n vijfhonderd jaar geleden. Vind ik. Je had toen wel een scheiding tussen seculiere en kerkelijke muziek, ongeveer zoals je die nu hebt tussen popmuziek en klassieke muziek. Ik vind die kerkelijke zangstukken uit die tijd zo prachtig. De seculiere muziek uit die tijd kwam bijvoorbeeld van de troubadours, die op markten stonden en daar hun ‘Ketelbinkie’ uitkraaiden. Dat vind ik niet zo interessant. De polyfone muziek van die kerkmuziekcomponisten, die vind ik je van het. Het maakt mij niets uit waardoor die muziek geïnspireerd is. Een man (het zijn bijna alleen mannen) die een melodie schreef op de tekst O gloriosa domina of op Tu es Petrus, van die man kunnen we nu wel zeggen: hij was van Lotje getikt. Maar ja, er was bijna geen andere instantie dan de kerk waarvoor je zulke muziek kon schrijven.
- Het valt me op dat al die muziek in mineur geschreven is.
- Het christendom is ook een zeer treurige zaak. Altijd geweest ook. Maar je hebt gelijk: al die muziek is in mineur geschreven. Er zit godzijdank geen vrolijk stukje tussen. Neem dit stukje maar van Johannes Ghiselin-Verbonet.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen