zaterdag 19 juni 2010

Op droeve toon (40)

- Dag Duifje.
- Dag Bennemans, nu moet je wel weer een uitkering aanvragen, niet?
- Dat doe ik maandagmiddag, ja.
- Kun je verder nog een beetje genieten van het leven, Bennemans?
- Nee. Ik mis je zo.
- Dan moet je wat muziek opzetten. Ockeghem, Byrd, Tallis, Tomkins, Palestrina, Obrecht, Gombert, Byrd.
- Dat doe ik ook wel, maar ik kan er niet van genieten. Het komt misschien wel terug. Je bent de vrouw die mijn leven heeft versierd. En toen ging je dood. Ik probeer steeds aan dat versieren te denken, aan wat je hebt betekend, maar ik denk aldoor maar: ze is niet meer bij me.
- Huil je ook veel, Bennemans?
- Af en toe, ja. Vanochtend nog in de supermarkt. Stond ik bij de toetjes, sprongen opeens de tranen in mijn ogen. Ik kon er niets aan doen. Ik deed mijn bril af en gaf die aan een mevrouw die naast me stond. ‘Kunt u die even vasthouhouhouden?’ Kon ik mijn gezicht afvegen met mijn mouw, want ik had geen zakdoekjes of zoiets bij me. Ik legde het daarna uit aan die mevrouw, die daarop zei: ‘Sterkte, hoor! Hier is uw bril weer.’ Toen gaf ze me zachte klapjes op mijn schouder en zei ze: ‘Je moet ’s avonds wat drinken. Dan slaap je beter.’
- Een echte Derpse, wil ik wedden.
- Ja, het was een Derpse. O Duifje, ik wil niet alleen zijn. Was er maar een tweede Duifje!
- Je moet gewoon een andere vrouw zoeken. Van mij mag je.
- Dank je, lieverd. Mijn stukje muziek voor vandaag is van Tomas Luis de Victoria.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen