maandag 5 juli 2010

Op droeve toon (54)

- Dag Duifje.
- Dag Bennemans, ik wou je iets vragen over het geheugen.
- Het menselijke geheugen.
- Uiteraard, grappenmaker. Apen en miereneters en poema’s hebben ook wel een soort geheugen, maar dat is niet zo interessant. Vraag maar raak.
- Dat moet jij niet zeggen, dat moet ik zeggen. Vraag maar raak.
- Ik geloof dat iedereen, als hij wat ouder wordt, dingen vergeet. Dingen zoals: waar had ik die schaar nou neergelegd, op welke pagina stond ook alweer Ik was een vonk, maar in dat ogenblik werd ik een vuurzee, voor hoeveel mensen moet ik vanavond ook alweer koken?
- Die vonk en die vuurzee zijn van Gerrit Komrij.
- Ja, maar dat maakt nu niet uit. Ik noem dat soort dingen het kleine geheugenverlies. Het grotere geheugenverlies heb je als je niet meer op namen zoals Karl Marx of Goethe of Tolstoj kunt komen, of als je, staande in een weiland met koeien, het woord ‘koe’ kwijt bent. Het grote geheugenverlies heb je, als je, nog steeds staande in dat weiland, naar die koeien zit te staren, die kalm terugstaren, al herkauwend, en jij gaat zitten denken: ‘Wat doen ze toch?! Wat zijn dat voor dingen?!’
- Een mooie opsomming, Duifje. Wat was je vraag?
- Ik zou denken: die schaar, die pagina van Gerrit Komrij, namen zoals Beethoven of Byrd, hoe een koe eruit ziet, al dat soort dingen zit nog steeds in je brein. Ook als je het niet meer weet.
- Dat zou ik ook denken, ja. Ik heb er laatst nog over gelezen. Waar weet ik niet meer. Je moet het ongeveer zo zien. De neuronenstringen in je hersenen die een koe hebben opgeslagen, zitten tussen miljoenen andere neuronenstringen. Normaal spuugt het ene neuroontje in het bakje van een volgend neuroontje, dat weer verder spuugt, enzovoorts. Als je iets niet meer weet, houdt dat spugen ergens in je brein op.
- Ik ben blij dat je het zo wetenschappelijk uitlegt. Wat voor muziek heb je voor me uitgezocht?
- Iets van, hoe heet hij toch, Guillaume Dufay.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen